Marie-Ange Nguci

Nog maar tweeëntwintig is ze, maar de Frans-Albanese pianiste Marie-Ange Nguci heeft al een indrukwekkend parcours afgelegd. In 2014 behaalde ze haar master muziek - hoofdinstrument piano - aan het Conservatorium van Parijs, gevolgd door een doctoraat in de muziekanalyse en in de musicologie. Later voegde ze daar nog muziekpedagogie en orkestdirectie aan toe. Het zijn maar een paar voorbeelden uit een nog veel langere rij verwezenlijkingen. In oktober brengt ze samen met Symfonieorkest Vlaanderen het Eerste Pianoconcerto van Johannes Brahms. 

- Johan Van Acker

Albanese stapstenen 

Tot haar dertiende woonde Marie-Ange Nguci in Albanië. Haar ouders waren melomanen, en muziek was een vanzelfsprekendheid. Ze begon met cello, maar al snel kreeg piano de overhand. Haar Hongaarse pianolerares zat daar ongetwijfeld voor iets tussen. Zij had gestudeerd in Moskou en in Wenen, en bracht Marie-Ange in contact met twee verschillende pianistieke en muzikaal-esthetische benaderingen. Was muziek aanvankelijk een manier om te ontsnappen aan de beperkte culturele mogelijkheden in die jaren, dan werd het daarna een manier van leven. Ondertussen woont ze al bijna tien jaar in Parijs, afgewisseld met een verblijf in Oostenrijk en de VS. Waar ze zich thuis voelt? “Een moeilijke vraag”, zo bekent ze aarzelend. Ik heb familie in Montenegro, Roemenië en Rusland. Ik denk dat de kunsten mijn thuis zijn, eerder dan een land of een cultuur.”

Piano en orgel

Muzikale synthese, daar draait het voor Marie-Ange Nguci om, en de piano is voor haar het instrument par excellence dat dat belichaamt. “Adembenemend”, zo benadrukt ze. “Die variëteit qua polyfonie, timbre en ruimteschepping. Voor veel componisten was en is de piano een laboratorium, een experimenteerplek voor ze zich aan kamermuziek, symfonieën of opera’s wagen. Tezelfdertijd vormen transcripties en pianoreducties een deur naar een nog breder repertoire. Sommigen vinden dat beperkend, maar ik vind het net fascinerend om met de klank en het timbre van de piano een harp op te roepen, of een cello of een klarinet.”

 Een ander instrument dat haar al sinds haar jeugdjaren intrigeert, is het orgel. In het communistische Albanië kon ze geen kerkorgels bespelen, maar dat veranderde in Parijs. Het liefst zet ze zich aan een Cavaillé-Coll-orgel. Aristide Cavaillé-Coll was een meester in de bouw van symfonische orgels waarmee hij de klank van zowel afzonderlijke instrumenten als ensembles kon vervangen. In de 19de eeuw vormden deze orgels voor componisten als Charles-Marie Widor en Louis Vierne de inspiratie tot het schrijven van heuse orgelsymfonieën. “Prachtige werken”, aldus Marie-Ange, die zelf als organist in de Parijse kerken te vinden is. “Tijdens het orgelspel improviseer ik graag, er is ook een zekere link met piano-improvisaties. Ik beveel het elke pianist aan!”

Met brede blik

Het pianorepertoire van Marie-Ange Nguci beperkt zich niet tot een bepaalde periode. “Ik vind het te vroeg om nu al een keuze te maken”, zo zegt ze. “Ik wil vooral verdiepend werken, de esthetiek van een compositie of van een stijl beter begrijpen. Op basis daarvan benader ik het oeuvre van anderen vanuit een nieuw perspectief. Die rijkdom aan gezichtspunten scherpt mijn mogelijkheden qua interpretatie aan. Voor een goede voorbereiding verdiep ik me in de historische en muzikale context waarbinnen een werk ontstaan is. Was er een persoonlijke aanleiding tot het schrijven van een compositie? Wie was de mens achter de muziek? Dat houdt me erg bezig. Ook opnames – zowel historische als hedendaagse – vormen een belangrijke bron van informatie. Het is een muzikale erfenis die ons leert wat er was maar ook wat er komt. Op basis van dat vooronderzoek probeer ik tot een zekere objectiviteit te komen, om die daarna tegemoet te treden vanuit mijn eigen subjectiviteit als uitvoerder. Het resultaat is een uitvoering die twee tijdslijnen combineert: de tijd waarin het werk gecomponeerd werd én de tijd waarin het gespeeld wordt.” 

Pianoconcerto voor twee piano’s, of toch niet …

 In februari 1854 pende Brahms de eerste lijnen neer van wat later zijn Eerste Pianoconcerto zou worden. In die aanvangsfase had hij een sonate voor twee piano’s voor ogen. Dat lag helemaal in de lijn van drie eerdere monumentale sonates voor pianosolo, door een enthousiaste Schumann omschreven als ‘versluierde symfonieën’. De sonate en de symfonie kwamen er uiteindelijk niet, wel een Eerste Pianoconcerto dat op 22 januari 1859 in première ging. Marie-Ange Nguci kent dit pianoconcerto als geen ander. Het is immers een van de eerste werken die ze live hoorde: “De dramatische en emotionele draagwijdte zijn enorm intens. Brahms maakte van nabij mee hoe depressies en angstvisioenen Robert Schumann in hun greep kregen, in die mate dat een opname in een psychiatrisch centrum in de buurt van Bonn noodzakelijk bleek.” Marie-Ange wordt er stil van. “Schumann stierf kort voor Brahms het tweede en derde deel (Adagio en Rondo: Allegro non troppo) van zijn concerto schreef. Als nagedachtenis duidde Brahms het Adagio aan als een ‘Benedictus, qui venit in nomine Domini’ (‘Gezegend hij die komt in de naam des Heren’), refererend aan Schumann die hij wel eens ‘Mein Herr Domine’ noemde. Een verstild gebed, ingezet door strijkers con sordino, hoorns en hout, dat ik als solist ‘molto dolce espressivo’ zal beantwoorden. Gelukkig komt met het derde deel (Rondo: Allegro non troppo) inclusief een krachtige rol voor de piano het leven terug!” 

Hoor Marie-Ange aan het werk tijdens:

  • 7 okt
    -
    3 nov
    Speeldata
    • 7 okt
      20:00
      Concertgebouw, Brugge
      Concertzaal
    • 9 okt
      20:00
      Muziekcentrum De Bijloke, Gent
      Concertzaal
    • 10 okt
      15:00
      DE SINGEL, Antwerpen
      Blauwe Zaal
    • 3 nov
      20:15
      Muziekgebouw, Eindhoven
      Grote zaal

Honger naar meer artikels? 

Het driemaandelijkse magazine van Symfonieorkest Vlaanderen - Symfozine - brengt interviews met solisten en (gast)dirigenten, neemt je mee achter de schermen van het orkest en zorgt voor verdieping bij de concerten.

Dit artikel verscheen in Symfozine 91 (sep - dec 2021) en werd geschreven door Johan Van Acker.

Vraag je gratis exemplaar aan

Ook ons drukwerk ontvangen? Stuur je adres door naar info@symfonieorkest.be

Stuur ons een e-mail

Cookies

Wij maken gebruik van cookies. Een cookie is een klein bestandje dat door deze website met bepaalde pagina's wordt meegestuurd en door uw browser wordt opgeslagen. Wij gebruiken cookies onder andere om het gebruik van onze webshop voor tickets te faciliteren, om het mogelijk te maken content van derden af te beelden, zoals ook video’s, en voor verschillende andere toepassingen. Deze cookies worden ook geplaatst door derden. Door op ‘akkoord’ te klikken, stemt u hiermee in. Als u niet akkoord bent, kunt u via de knop ‘Instellingen aanpassen’ uw voorkeuren opgeven. Meer informatie…

  • Cookies zijn nodig om de website goed te laten functioneren. Zo wordt uw winkelmandje onthouden tijdens de bestelling en kunt u inloggen op de website.
  • Maar cookies zijn ook nodig om de ervaring op de website te verrijken. Bijvoorbeeld media van derde partijen, zoals video's, gaan vaak gepaard met cookies. Ook houden we statistieken bij om de site doorlopend te verbeteren.
  • Als laatste worden cookies ook gebruikt om informatie rond onze marketing-activiteiten, zoals nieuwsbrieven en advertenties, zo efficiënt en persoonlijk mogelijk uit te kunnen uitvoeren.

Cookie instellingen