Symfonieorkest Vlaanderen

Waar ben je naar op zoek?

Op zoek naar een sidekick voor concertmeester Jan

Artikel
Auditie bij Symfonieorkest Vlaanderen

Een select gezelschap van doorgewinterde violisten nam het midden juni tegen elkaar op in het Concertgebouw in Brugge. Doel van de auditie: de geknipte kandidaat vinden om naast de concertmeester te musiceren en hem indien nodig volwaardig te vervangen.

In een symfonieorkest vervult de concertmeester een cruciale functie. Hij of zij leidt de eerste violen – en bij uitbreiding het hele orkest - en zorgt voor discipline en een positieve sfeer, en is de voornaamste schakel tussen orkest en dirigent.

De meeste orkesten hebben twee concertmeesters, twee persoonlijkheden die je nooit samen op het podium ziet zitten. Symfonieorkest Vlaanderen werkt in projecten en pakt het daarom anders aan. Het opteert voor één vaste concertmeester, Jan Orawiec, wat toelaat de artistieke lijn door te trekken en tevens het groepsgevoel versterkt. Daarnaast is er een plaatsvervangend concertmeester. Die heeft een vaste plaats vooraan naast concertmeester Jan, maar moet tegelijk in staat zijn al diens taken over te nemen. Met verve, dat spreekt.

“Het is geen eenvoudige functie”, licht intendant Jos Roeden toe. “Ze vraagt veel dienstbaarheid, maar de persoon moet tegelijk in staat zijn leiding te geven aan het orkest en vanzelfsprekend alle vioolsolo’s overtuigend kunnen brengen.”

Eerste auditie ronde
© Michiel Devijver

Als een vlieg op de muur - maar met gespitste oren - woonden we op maandag 15 juni de auditie bij. Plaats van het gebeuren: de Kamermuziekzaal van het Brugse Concertgebouw, befaamd om zijn mooie maar toch neutrale akoestiek. Voor deze vuurproef moesten de kandidaten heel wat repertoire voorbereiden: delen uit twee vioolconcerto’s,  orkestfragmenten en natuurlijk ook enkele grote vioolsolo’s uit symfonische werken.

Een uitgelezen groep violisten heeft zich aangemeld voor deze veelzijdige maar ook veeleisende functie. Op de auditiedag zelf bepaalt allereerst het lot in welke volgorde ze zullen spelen.

Het selectieproces verloopt in drie rondes. In de eerste spelen de violisten achter een gordijn. Dankzij die anonimiteit kan de jury puur op de muzikale kwaliteiten oordelen. Met zijn veertien leden is die jury best indrukwekkend. Naast dirigent Martijn Dendievel en de concertmeester zetelen ook de aanvoerders van alle strijkersgroepen erin, evenals de voltallige eerstevioolsectie.

Vooraf hebben ze bepaald welke stukken ze willen horen: naar goede gewoonte een deel van een Mozart-concerto. Dat vertelt direct wat iemand in zijn mars heeft: of het vioolspel precies en zuiver is, hoe de klank is en of iemand stijlgevoel heeft. Uit de solopassages en orkesttrekken die de kandidaten moesten instuderen kiest de jury de vioolsolo uit de langzame beweging van de Eerste Symfonie van Johannes Brahms en het pittige Scherzo uit de Midzomernachtsdroom van Felix Mendelssohn.

“Kandidaat 1, first candidate”, klinkt het en we zijn vertrokken. De ene Mozart-interpretatie kan ons al wat meer bekoren dan de andere, maar dat is ook een kwestie van smaak. We vermoeden dat Brahms niet met alle solo’s die weerklinken even gelukkig zou zijn geweest, maar er zitten ook zeer overtuigende bij. En zou de dirigent liever een iets tragere maar ‘propere’ Mendelssohn horen of moet het knetteren voor hem?

Jury overleg
© Michiel Devijver

Voor contrabassist Jan Verheye wordt in het Mozart-concerto – dat de kandidaten met pianobegeleiding spelen - al meteen duidelijk of iemand leiding kan nemen. Dat vindt hij belangrijk want het gaat tenslotte om een concertmeester, vertrouwt hij ons toe. In de Brahms-solo speurt hij naar opbouw en wil hij horen of de kandidaat de lange hoge noot op het einde mooi kan aanhouden. In de orkesttrekken primeert voor hem een correcte weergave van de partituur: de juiste noten, dat spreekt, maar ook bijvoorbeeld accentjes.

Het eerste verdict laat niet lang op zich wachten: drie kandidaten gaan door naar de tweede ronde. Daarin moeten ze hun technisch en artistiek kunnen tonen in een uitgebreid fragment uit een van de grote romantische concerto’s. Ze krijgen ook meer vioolsolo’s uit symfonische werken voor de kiezen, onder meer uit Sheherazade van Rimsky-Korsakov. Er wacht hen opnieuw een uitdagend scherzo: dat uit de Tweede Symfonie van Robert Schumann.

Het gordijn dat de kandidaten afschermde is nu verdwenen en daarmee ook de anonimiteit. Maar het is ook belangrijk dat de jury ziet hoe iemand speelt. Een concertmeester springt nu eenmaal in het oog. In twee keer Tsjaikovski en een keer Brahms tonen de dame en twee heren die overblijven, wat ze technisch en muzikaal in petto hebben. De aandacht gaat nu misschien nog meer dan in de eerste ronde naar de vioolsolo’s uit symfonische werken.

Dirigent Martijn Dendievel heeft na elke prestatie nog een extra verzoekje. Van de ene kandidaat wil hij een grotere toon horen die boven het orkest uitkomt en ook draagt in een zaal met een droge akoestiek. Van de twee andere violisten vraagt hij een bredere versie van de wonderlijke solo uit de orkestsuite Pohádka van Josef Suk.

Als we hem tijdens een pauze vragen waarop hij tijdens deze auditie bijzonder let, klinkt het ietwat verrassend: “op de klank van de kandidaten, of die bij het orkest past”. Daarnaast vindt hij het essentieel dat de musici ritmisch stabiel zijn en ook dat ze flexibel zijn, dat ze zich kunnen aanpassen. “Ze moeten toch ook leiderschapskwaliteiten bezitten”, werpen we op. “Inderdaad, en daarvoor dient net de derde ronde”, antwoordt hij.

Wachten achter de schermen
© Michiel Devijver

In die laatste ronde brengen de kandidaten – twee schieten er nu nog over – eerst nog twee stevige fragmenten uit het romantische orkestrepertoire. De voornaamste proef bestaat er echter in dat ze een strijkkwintet leiden met de aanvoerders van de andere strijkersgroepen als andere leden. Op het programma: de eerste beweging van de 39ste Symfonie van Mozart, hier beperkt tot de expositie.

De eerste musicus wil dat staand doen, maar Dendievel maant hem aan zittend te spelen ‘zoals in een orkest’. Na een eerste doorloop vraagt Orawiec of hij het stuk ook zonder vibrato kan spelen. En hoe hij een intonatieprobleem met de tweede viool zou oplossen. De tweede kandidate geeft duidelijkere tekens aan haar medemuzikanten, maar Dendievel vraagt of ze het nog explicieter kan doen: “Stel je voor dat je negen eerste violen achter je hebt, acht tweede violen enzovoort”.

De jury quoteert zonder aarzelen en al snel is de uitslag van deze belangrijke auditie bekend. Met enkele booglengten voorsprong komt de jonge Belgische violiste Mona Verhas als winnaar uit de bus. Zij deed al in andere orkesten ervaring op als concertmeester en is ook voor Symfonieorkest Vlaanderen geen onbekende. Voortaan zal ze dus naast concertmeester Jan Orawiec zetelen. Ze krijgt een proefperiode van een jaar om zich te bewijzen. Welkom, Mona!

  • tekst door Koen Lambrecht

Dit artikel verscheen in Symfozine #106

20260117 SOV Martijns Droom Bjorn Comhaire 158 of 167

Over Symfonieorkest Vlaanderen

Symfonieorkest Vlaanderen (SOV) is een 60-koppig geëngageerd en gepassioneerd orkest onder leiding van chef-dirigent Martijn Dendievel. Achter deze 60 musici staat een klein energiek team, waar ieder vanuit zijn of haar expertise het orkest ondersteunt.