Paul Staes (78) is Vriend van Symfonieorkest Vlaanderen. Met zijn bijdrage geeft hij een extra steuntje aan de talentontwikkelingsprojecten van SOV. Als kersverse overgrootvader heeft hij een hart voor de jeugd. De jongste telg in zijn familie kreeg de naam Viv mee – afgeleid van ‘vivre’, vertelt hij vol trots. Zijn eigen levenskracht vindt hij onder meer in de muziek. - Heleen Driesen
Meer dan tien jaar geleden verloor Paul zijn hart aan de kust, waar hij na een liefdesbreuk uiteindelijk ging wonen. Het grootste deel van zijn leven bracht hij door in het Antwerpse. “Mijn mama was erg op klassieke muziek gesteld. Ze kon een beetje piano spelen – dat hoorde bij haar opleiding tot onderwijzeres – maar ze was vooral een gepassioneerd luisteraar.” Op de platenspeler van de familie Staes passeerden zowat alle grote klassieke werken de revue. “Een televisie hadden we niet, maar wel een heel behoorlijke geluidsinstallatie. Die was ingewerkt in een groot meubelstuk, waarvoor we als kind dan samen op de mat ademloos naar Peter en de wolf of de Pastorale van Beethoven zaten te luisteren.”
Over zijn eigen muzikale verwezenlijkingen is Paul bescheiden. Hij volgde nooit muzieklessen en kan geen noot lezen. Wel was hij als jonge knaap een goede zanger en, zo herinnert hij zich met plezier, met het collegekoor schopte hij het ooit tot een televisieoptreden onder leiding van de vermaarde dirigent Lodewijk de Vocht. Later, bij de opkomst van de parochiale jeugdclubs, belandde Paul al improviserend achter het drumstel. Hij beleefde er een plezante tijd. De legerdienst en het pasgetrouwde leven staken een stokje voor een steile muzikale carrière. “Ik ben wel altijd naar muziek blijven luisteren. Op de radio thuis speelt onafgebroken klassiek; een weldaad voor mijn tinnitus”, klinkt het met een knipoog.
Muzikale vriendschap
Een aantal jaren terug leerde Paul via een vriendin hoboïst Korneel Alsteens kennen, eerste solist bij Symfonieorkest Vlaanderen. Het klikte meteen. “In mijn nieuwe woonplaats aan zee kwam ik Korneel regelmatig tegen. Hij nodigde me uit om eens een concert van het orkest bij te wonen. Het concertgebouw van Brugge is amper twintig minuten van mijn deur. Al bij het eerste optreden was ik verkocht. Nu volg ik al voor het derde seizoen trouw alle concerten van het orkest.”
Paul maakt van zijn concertbezoeken persoonlijke quality time. “Ik ga graag op tijd naar de concertzaal en zit dan op bankje te wachten voor de deuren opengaan. Er komt altijd wel een kennis voorbij die een praatje komt slaan.” Hij geniet van de gezellige drukte van het concert. Maar luisteren doet hij het liefst alleen. “Zo kan ik me beter concentreren op de muziek en het orkest. Ik probeer alle muzikanten bewust gezien te hebben tijdens het concert. Ik heb voor elk van hen ontzettend veel respect. Naast hun leven als orkestmuzikant, met vele late uren, hebben deze mensen vaak nog een vaste job aan de academie of voor de klas. Tegelijk blijven ze muzikaal presteren aan de top.”
Tijdens het luisteren laat Paul zich verwonderen door de taal en bewegingen van het orkest en door de band tussen de orkestleden. “Ik vind het buitengewoon hoe ze erin slagen om samen harmonie te creëren. Natuurlijk heeft ook de dirigente daar een stevige hand in. Voor mij is Kristiina Poska een uitzonderlijk orkestleider, voor wie ik een grote bewondering en waardering heb.” Als Vriend van het orkest kon Paul Kristiina al enkele malen ontmoeten in de coulissen. Hij voelt zich warm onthaald door de hele omgeving rondom het orkest. “Organisatorisch is alles heel vriendschappelijk en tot in de puntjes geregeld. Ik ben moeilijk te been en heb dichtbij het podium een vaste plek gekregen, op het einde van de rij. Volgend seizoen verhuis ik naar het balkon, van waaruit ik het orkest mooi kan overschouwen”, klinkt het verheugd.
Dankbaar om de muziek
Of hij in het bijzonder uitkijkt naar een werk of componist uit het komende programma? “Ik laat me verrassen”, glimlacht Paul. “Tot hiertoe heeft elke opvoering me kunnen boeien. De Bolero van Ravel was prachtig. De Pastorale van Beethoven, het stuk dat mijn mama graag opzette, ging door merg en been. En ook de Negende van Beethoven, met een Ode an die Freude gezongen door het Filharmonisch Koor uit Kristiina’s thuisland, was ronduit indrukwekkend. Maar ik geniet evenzeer van nieuw en onbekend werk van jonge componisten. Dankzij het orkest ontdek ik ook de klassieke muziek van vandaag.”
De actieve jeugdwerking van het orkest was voor Paul een extra reden om Vriend te worden, bevestigt hij. De allergrootste motivatie is echter nog de dankbaarheid om de muziek. “Ik haal mijn levenskracht uit de natuur en de kunsten. Als ik door het Zwin wandel, geeft me dat rust en een onuitputtelijke warmte en energie. Hetzelfde ervaar ik als ik een klassiek concert bijwoon. Ik ga zitten op mijn stoeltje in de concertzaal, het orkest neemt plaats, Korneel steekt heel kort zijn hobo in de lucht en knikt me toe, en ik waan me voor een paar zalige uren even helemaal van de wereld.”
Ook Vriend worden en de toekomst van klassieke muziek steunen?
Vanaf 45 euro per jaar ben je al Vriend!
